Richard Stuivenberg
Opmerkelijk aan theaterfestivals als Oerol op Terschelling is de welwillendheid waarmee het publiek de voorstellingen ontvangt. De entourage van het eiland - de buitenlucht, het urenlang in de rij moeten staan voor een kaartje, het tien kilometer tegen de wind in moeten fietsen om bij de volgende locatie te komen - draagt enorm bij aan de bereidheid van het publiek om enthousiast te zijn. Wie zoveel moeite deed, wil wel klappen. Voor theatermakers moet het heerlijk zijn om op Oerol te mogen spelen.
Het applaus voor Actania, dansen voor alleenstaanden was wat té enthousiast. Het publiek begon al te klappen ruim voor het echte einde en het hield dat, in golven, vol tot vijf minuten later het officiële applaus moest weerklinken. Eigenaardig... Niet dat het enthousiasme niet terecht was. Het Maastrichtse Huis van Bourgondië brengt, in samenwerking met de Toneelacademie Maastricht, een bijzonder komische en knap gemaakte parodie op de vrijgezellenavond.
Plaats van handeling is de oude dancing Actania in Midsland-Noord. Toen in de jaren zestig het toerisme op Terschelling tot bloei kwam, was dit de plaats waar de eilander jeugd en jonge toeristen elkaar ontmoetten. Actania is prachtig bewaard gebleven met de originele inrichting van veertig jaar geleden. De derdejaarsstudenten van de Toneelacademie Maastricht passen hier naadloos tussen. Ze bouwden hun personages op jaren zestig stereotypen: lulligheid, tuttigheid en braafheid, zuurstokkleuren kleding en het haar strak naar achteren, of de scheiding rechts.
Aanvankelijk dreigt het wat flauw te worden allemaal. Het publiek lacht bijna om iedere beweging. Gelukkig schemert door de gulle lach en de makkelijke grappen een ijzersterke regie. Eén voor één komen de alleenstaanden tot een ontboezeming waaruit hun grote eenzaamheid blijkt. De één vierde kerstmis met zijn 62 konijnen om hem heen. De ander zegt dat ze niet meer gelachen heeft sinds haar partner haar verliet, nu tweeënhalf jaar geleden. Waarop de rest haar belaagt met moppen en gekke bekken, tot ze van paniek gillend ineenstort.
Het zijn dit soort scènes, waarin de onderhuidse gevoelswereld naar bovenkruipt, die Actania de moeite waard maken. De pianist op de achtergrond zet de vrijgezellen aan tot dansen, of een karaokeversie van Een beetje verliefd of Je t¿aime moi non plus. De voorstelling bereikt een steeds hogere graad van gekte, om te culmineren in een heuse musicalfinale. Daarna verlaten de alleenstaanden de dancing weer zoals ze gekomen waren...
Gezien op 18 juni in Dancing Acatania in Midsland-Noord. Nog te zien aldaar op 19 juni en van 26 juni t/m 4 juli in de Harmoniezaal Ster der Toekomst in Maastricht.
De charme van Oerol is ook om volledig verkleumd, midden in de nacht, op een parkeerplaats in de duinen, naar een stel idioten te kijken die een groot deel van het publiek nog natspuiten ook. De idioten heten The Lunatics en hun voorstelling Mare Tranquillitatis, genoemd naar een stofzee op de maan.
De voorstelling gaat over ontdekken. Drie aanvankelijk blatende, later Japanse kreten slakende Vikingen zijn op een onbekende, vijandige plek terechtgekomen. Er is daar van alles dat zomaar uit zichzelf beweegt: een ja-knikker, een fel kronkelende luchtslang, een waterfontijn. Water, dat is waar de Vikingen op zoek naar zijn. Als ze met veel moeite een plasje hebben bemachtigd, gaan ze gewichtig aan een tafel zitten en laten ze het water één voor één in hun mond ronddraaien. Daarna wordt het plasje in een grote koker gestort. Water is het kostbaarste goed voor deze stoere mannen.
The Lunatics maken absurd spektakeltheater à la Dogtroep en Vis à Vis, maar doen dat ruwer. Grote mannen slaan elkaar tegen de grond, omdat dat bij het ritueel hoort. Als één van hen door de anderen wordt alleen gelaten, barst die grote, sterke man in huilen uit en wil hij zich verhangen. Een ander gaat het gevecht aan met een ja-knikker ¿ een prachtig verstild ballet ¿ net zo lang tot overal het water spuit. Rauwe poëtische beelden die ontroeren, ondanks de snerpende wind die recht op de tribune staat.
Gezien op 18 juni op het Parkeerterrein bij Paal 8 in West aan Zee.
Nog te zien aldaar t/m 23 juni.
|